hansopdeprairie.reismee.nl

Tentamens en naar huis

Intussen zit ik na een paar hectische weken (van Laramie naar Nederland naar Avignon naar Nederland) weer op mijn kamer in Nijmegen. Door wat bijkomdagen in Nederland en de feestdagen in Frankrijk had ik nog geen laatste bericht geschreven over Wyoming. Het lijkt nog maar een week geleden dat ik vertrok van een besneeuwd Laramie Regional Airport, en dat ik de volgende dag werd onthaald door m'n familie op Schiphol na een lange vlucht.

Ik had beloofd om nog wat te vertellen over mijn vakken daar, de universiteit en de campus. Ik woonde voor de vier maanden dat ik daar was in een studentenflat (de mijne was Hill Hall) bij de universiteit. De meeste eerste en tweedejaars en internationale studenten woonden in deze gebouwen. Hill Hall is niet te vergelijken met een studentenhuis in Nederland. Op mijn gang woonden ongeveer 22 mensen (de gangen waren gescheiden), allemaal jongens en op mij na allemaal Amerikanen. Ook zaten er twee meiden op de gang (RA's) die een soort opzichters waren en ons aan de regels hielden. De meeste jongens deelden een kamer (ik niet), en de douches en wc's die we met de hele gang gebruikten, waren vrij sober. De eerste week van ons verblijf werden we al bij elkaar geroepen voor een verplichte ontmoeting over wat wel en niet mocht op de gang. Veel mocht niet. Niet roken, geen drugs, geen alcohol, geen rommel, geen lawaai, geen slaande deuren. Vooral wat betreft alcohol waren ze zeer streng. Aangezien de meeste mensen in Hill jonger dan 21 waren was alcohol absoluut verboden. Ook ik, als 26-jarige, mocht geen alcohol op mijn kamer hebben en het al helemaal niet aan anderen uitdelen. De politie zou direct gebeld worden als je het wel zou gebruiken en een arrestatie was niet uitgesloten. Officieel mocht je zelfs niet in het gebouw zijn met alcohol op, maar vanwege de strenge winters (dronken buiten staan met -30 is niet erg goed voor de gezondheid) werd die regel niet al te strak gehanteerd. Na een vraag van een jongen bleek dat wijnflessen zelfs als decoratie (bijvoorbeeld als bloemenvaas) streng waren verboden.

Van de studentenflats was het ongeveer vijf tot tien minuten lopen naar de collegegebouwen. Deze zijn (net als de studentenflats) allemaal in dezelfde stijl gebouwd met gele stenen. Misschien een beetje kitscherig maar vergeleken met het grauwe grijze beton van het Erasmusgebouw in Nijmegen in ieder geval een stuk fleuriger. De universiteit is opgericht in 1886 wat best vroeg is. De eerste settlers arriveerden slechts enkele decennia eerder in dit gebied en de University of Wyoming is bijvoorbeeld ook bijna vijftig jaar ouder dan de Radboud Universiteit. Op de campus liggen verschillende grasvelden waar je bij mooi weer kan relaxen of sporten. Daarnaast zijn ze erg trots op hun land en wappert de 'stars and stripes' (met de vlag van Wyoming en de universiteit) over het centrale grasperk. Naast collegezalen hebben ze op de campus ook nog een groot sportgebouw waar je gratis kunt sporten van 's morgensvroeg tot 's avondslaat, en een Union. De Union is het gebouw waar allerlei studentenorganisaties zitten, net als de boekwinkel en tentjes waar je eten kunt kopen (waaronder pizza, wat het congres in Amerika ziet als groente). In de Union we ook elke vrijdag het International Coffee Hour, waar internationale studenten met elkaar konden bijpraten. Dit was altijd erg gezellig, je leerde er nieuwe mensen kennen en er werden daar afspraken gemaakt voor feestjes of andere activiteiten. Studeren was mogelijk in het IT-center van de universiteit (dat door de week 24 uur per dag open was) en de bibliotheek. De bibliotheek was geweldig, ze hadden een zeer grote collectie boeken over allerlei onderwerpen (ik kwam er nog een boek van een Nijmeegse docent van me tegen, en een plankje Nederlandse literatuur met onder andere WF Hermans) en er was veel plek om te studeren. Daarnaast was het voor mij als filmliefhebber wel leuk dat ze een zeer grote collectie dvd's hadden die je ook gratis kon lenen (ze hadden er bijvoorbeeld bijna de gehele Criterion Collection in de kast staan).

Ik heb in Wyoming uiteindelijk vier vakken gevolgd: 1) De geschiedenis van Mexico, 2) New Worlds, een vak over de relaties tussen Indianen en Europeanen in de eerste drie eeuwen na Columbus, 3) Harlem Renaissance, over Afro-Amerikaanse cultuur in de jaren twintig, en 4) Bluesmuziek en literatuur. Hoewel de vakken qua onderwerp en manier van lesgeven erg verschilden, moest er voor elk vak een flinke stapel boeken gelezen worden. Bovendien wordt in college, veel meer dan in Nederland, een actieve houding verwacht van de student. Participatie tijdens college vormde een belangrijk deel van het cijfer bij de meeste vakken, dus lui achterover hangen zonder je boek te hebben gelezen kan niet. De eerste weken was het wel even wennen om je in het Engels in discussies te gooien met Amerikaanse ouderejaars en docenten over bijvoorbeeld de landhervormingspolitiek in het Mexico van de negentiende eeuw, maar het werkt wel erg goed om het vak te snappen en bij te blijven. De docenten zijn daarnaast ontzettend beleefd en voor vragen kun je ze altijd mailen of bij ze langs komen. Het kan toeval zijn, maar alle vier docenten die ik had namen altijd ruim de tijd om over de lesstof te praten. Ook waren ze erg geïnteresseerd in mijn verhaal als uitwisselingsstudent uit Nederland.

De weken na mijn autotrip was er weinig tijd meer om te genieten van toeristische trekpleisters of de mooie omgeving, de afsluitende toetsen kwamen eraan en dus moesten al het lees- en schrijfwerk afgerond worden. De tentamenperiode zelf was slechts anderhalve week. Aan de ene kant was dit fijn omdat je hierdoor niet heel lang druk bent met studeren, aan de andere kant betekent het wel dat je heel veel moet doen in een heel korte tijd. En het was echt heel veel, ik geloof niet dat ik in Nederland (of het nou op de middelbare school of de universiteit was) ooit zou hard heb gestudeerd. Voor de vier vakken die ik hier volgde moest ik in anderhalve week vier essays (van 5 tot 10 pagina's per stuk), twee tentamens en een presentatie maken. Dat werd dus vaak nachtwerk en ik heb in die tijd weinig meer gezien dan mijn kamer, de bibliotheek en het IT-center. Maar het resultaat was er naar, eenmaal terug in Europa hoorde ik dat mijn eindcijfers drie keer een A en een B zijn (A is het hoogst mogelijke). Op vrijdag 9 december leverde ik in de morgen mijn laatste essay in, daarna verkocht ik mijn boeken, kocht ik souvenirs in de stad en heb ik mijn kamer opgeruimd. Zaterdag deed ik mijn laatste boodschappen en hadden we een kleine kerstbijeenkomst bij wat internationale studenten thuis, waar we een kerstbrunch hadden en een papieren boom hebben versierd. Zondags vertrok ik alweer per vliegtuig naar Nederland. De laatste dagen gingen dus erg snel...

De vier maanden in Laramie zijn uiteindelijk omgevlogen. Dit kwam omdat ik er eigenlijk geen vakantie heb gehad (met uitzondering van drie dagen thanksgiving), en omdat er altijd wel iets te doen was. Het was op zich wel jammer dat er niet meer tijd was om nog wat meer rond te reizen in de omgeving, een semester is wel heel kort wat dat betreft. Maar het was wel erg fijn om mijn familie weer te zien en daarna nog een maand bij Lucy in Avignon te verblijven. Waar ik het meest aan moest wennen toen ik terugkwam in Europa was de drukte. Zowel in Nederland als Avignon is het veel onrustiger op straat vergeleken met Wyoming. Bovendien was het verschil in omgangsvormen opvallend. Ik was intussen gewend geraakt aan de Amerikaanse manier van doen, waarbij je je bijvoorbeeld op straat of in een winkel heel netjes gedraagt, keurig wacht als je ergens even niet langs kunt en je altijd excuseert als je ook maar even iemand in de weg zit. Bovendien vond ik de mensen in Laramie sowieso erg beleefd en belangstellend. We hebben in Europa weleens het beeld van overdreven beleefde Amerikanen, maar ik vond het wel fijn vergeleken met de ongeinteresseerdheid die je in Nederland soms tegenkomt. Het is misschien niet altijd gemeend, maar het voelt wel vriendelijker.

Intussen ben ik weer in Nijmegen (waar het ironisch genoeg momenteel kouder is dan in Laramie) en moet ik aan het werk en beginnen met mijn masterscriptie. Wyoming was voor mij een heel bijzondere ervaring, door de ligging, het klimaat, de relatieve onbekendheid van het gebied (zelfs in Avignon vroeg een canadeze mij waarom ik in vredesnaam naar Wyoming ging in Amerika) en de aardige mensen daar. Ondanks wat kleine problemen (mijn gezondheid was niet top) had ik het voor geen goud willen missen. Ik hoop dat jullie het leuk vonden om mijn blog te lezen en ik zie jullie allemaal snel weer.

Groetjes, Hans.

p.s. Er zitten ook wat foto's bij van het bezoek van Michail Gorbatsjov aan de campus. Het was erg interessant om zo'n belangrijk persoon uit de wereldgeschiedenis te horen spreken over de koude oorlog. Helaas alleen geen foto's van de man zelf, ik werd al bijna verwijderd voor het maken van deze onschuldige kiekjes.

Een reis door het Heartland

Opnieuw zal ik jullie moeten teleurstellen als je had gehoopt met dit bericht wat meer over mijn studie-activiteiten te weten te komen, want ik ga wat vertellen over de trip die ik hier vorig weekend met een huurauto gemaakt heb.

Aangezien de tijd vliegt (ik ben over twee weken alweer in Nederland) en het eind van het semester vol zit met essays en tentamens, was er nog maar weinig tijd om eens wat meer te zien dan Laramie en Wyoming. In het weekend van 18-21november was ik vrij en dat leek me wel een mooi moments om eens wat rond te rijden in de omgeving. Andere studenten hadden me al verteld dat het heel makkelijk is om in Laramie een auto te huren en dat rijden met een automaat totaal niet lastig is. Bovendien is dit een rustige streek dus veel verkeer zou ik waarschijnlijk ook niet tegenkomen. Aangezien ik ouder dan 25 ben kreeg ik aanzienlijke korting bij het huren van de auto en de benzine is hier ook niet duur vergeleken met Europa, dus dat scheelde alvast.

Dag 1: Cruisen door Colorado

Donderdag had ik de laatste boodschappen gedaan en een soort van route gepland en m'n tas ingepakt en vrijdagochtend meldde ik me vol goede moed bij het verhuurbedrijf. Ik zou eerst een kleine Chevrolet krijgen maar het werd uiteindelijk een Nissan Versa. Voor Amerikaanse begrippen een kleine auto maar voor mij ruim zat. Eerst even een paar blokken in Laramie geoefend met de automaat en toen direct de autobaan (de interstate) maar op om direct goed te beginnen. Een automaat bleek echter echt een eitje. Het reed erg makkelijk en het was bovendien helemaal niet druk op de weg in Wyoming. Wel direct een bergpas op richting Cheyenne waarbij de auto veel toeren maakte, maar schakelen kon dus niet en er waren wel behoorlijk wat van die lange vrachtwagens op de weg.

Bij Cheyenne verliet ik Wyoming en reed Colorado in op weg naar het zuiden. Dit was het drukste gedeelte van mijn reis. Vooral bij Denver was het (logischerwijs) veel verkeer, maar de vijfbaansweg met allerlei knooppunten en op- en afritten ging makkelijk. Ze rijden hier erg netjes en zijn ook zeer beleefd in het verkeer. Geen enkele keer een toeter gehoord op mijn trip. Verder de eerste keer getankt (maar de auto bleek zeer zuinig, driekwart tank per dag ongeveer), en de rest van de dag het veranderende landschap bewonderd en genoten van alle radiozenders hier. Country, classic rock, talk radio, maar in Colorado ook heel veel Christelijke stations. Ik kwam er later achter dat er nogal wat Christelijke organisaties en een beroemde tv-dominee in Colorado Springs zitten.

Eenmaal ten zuiden van Denver werd het rustiger en begon het landschap steeds meer op dat in westerns en Marlboro-reclames te lijken, erg mooi.Mijn eerste overnachtingsplaats was Walsenburg, Colorado (klein weetje: de plaats waar de moordenaar van outlaw Jesse James een saloon had) en dit plaatsje zag er ook uit als in de film: prairies, rotsen, motels en tankstations. Het was hier ook wat warmer dan in Wyoming. De motelkamer was verder wel prima, ik viel direct na aankomst in slaap.

Dag 2: Vulkanen en vlaktes in het zuiden

Een moeizame start want ik was de adapter van de laptop vergeten dus contact met Europa verliep wat moeizaam, en nadat ook de payphone bij een nabij tankstation ondanks de nodige ingeworpen quarters niet mee werkte moest ik maar eens op pad gaan. Het doel van de dag was het Capulin Volcano National Monument in New Mexico. Opnieuw tijd verloren met een onverwachte bergpas op de grens van Colorado en New Mexico (op google maps lijktzoiets altijdplat), maar New Mexico bleek nog rustiger om in te rijden dan Colorado. Het landschap was nog steeds mooi, het zonnetje scheen en de gure wind van Wyoming (waar het gesneeuwd had) leek ver weg,

Capulin Volcano is een inactieve vulkaan (de laatste uitbarsting was 50.000 tot 60.000 jaar geleden) en je kunt met de auto tot aan de rand rijden en daar een korte wandeling maken. Het uitzicht vanaf de rand is fenomenaal. Je kunt ontzettend ver kijken en in sommige rotsen zie je dan nog alleen maar zand en rotsen. Het is het hoogste punt in de omgeving en was in de negentiende eeuw voor de settlers een belangrijk punt op hun route omdat ze de eindeloze vlakke prairies dan grotendeels hadden gehad. Aangezien het november was waren er niet veel toeristen op de vulkaan en de wind en de stilte op de top en de leegte in de omgeving waren erg indrukwekkend. Al met al een mooie ervaring.

Na dit hoogtepunt trok ik verder richting het zuidoosten en kwam op het zuidelijkste punt van mijn route in Clayton, New Mexico. Ik wilde eigenlijk naar Texas maar het begon al te schemeren dus reed ik uiteindelijk naar het iets noordelijkere Oklahoma om een motel te vinden. De overgang van New Mexico naar Oklahoma was erg groot. Het was in een keer gedaan met heuvels en rotsen en het deed me soms aan Nederland denken (alleen dan veel uitgestrekter). Ik kwam uiteindelijk iets voor het donker aan in Boise City, de enige stad op het Amerikaanse vasteland die gebombareerd is tijdens de tweede wereldoorlog (foutje van de eigen luchtmacht). Ik vond het wel leuk om hier voor het eerst in de VS een rotonde tegen te komen, waarbij ze het stadhuis in het midden hadden gebouwd. Boise City is een echte landbouwplaats maar het was wel een fijne plek om te blijven. Bovendien hadden ze hetleukste wegwijsbord van Amerika, is dit de weg naar Amarillo? Yes, it is.

Dag 3: Country,gospel en Kansas

Tegenover mijn motel lag een benzinestation waar ik de volgende ochtend de tank weer volgooide. Het tankstation bleek echter meer dan alleen dan een tankstation. Op zondagochtend zat het er vol met onder andere vrachtwagenchauffeurs, ranchers en senioren op een tripje. Je kon er ook van alles kopen van mokken tot grote kruizen in ranch-stijl met leren afwerking en een runderschedel op de plek van Jezus.

Ik wilde de zondag besteden om van zuid naar noord Kansas door te rijden maar als je zo dicht bij Texas zit moet je daar ook eigenlijk even heen (ondanks de compleet verkeerde richting). Uiteindelijk ben ik Texas ongeveer drie meter ingereden, een paar foto's gemaakt (een grote lege vlakte) en weer omgedraaid en richting Kansas vertrokken. Kansas heeft de reputatie en nogal saaie staat te zijn, vooral in het westen, maar ik vond het wel relaxed rijden. Het is een landbouwstaat en het grootste deel van de dag reed ik op kaarsrechte wegen langs boerderijen, lege graanvelden en ja-knikkers. In de verte dook dan af en toe een dorp op, herkenbaar aan de gigantisch graansilo's die als kerken in Europaboven de skyline van die dorpen uitstaken. Met Merle Haggard op de stereo reed het heerlijk vond ik. De mensen waren erg vriendelijk hier en groetten bijna allemaal. Het enige minpunt was dat ik me enigzins vergist had in de afstand. Ik moest maandag de auto inleveren dus ik moest minstens ten noorden van Kansas geraken om de laatste dag terug naar Laramie te kunnen rijden. In de namiddag groeide de vermoeidheid dan ook behoorlijk, ondanks dat het landschap in het noorden wat groener en heuvelachtiger werden. Op de radio was het op dat moment kiezen tussen de Amerikaanse Langs de Lijn met een NASCAR-race en nog meer religieuze muziek met teksten als Our God is greater, our God is stronger, enz.. Uiteindelijk rond vijf uur Kansas verlaten en na een kort stukje Nebraska stopte ik in Wray, Colorado. Vijf staten in een dag, niet slecht maar viel na aankomst snel in slaap.

Dag 4: Weer terug in Wyoming

Desondanks werd de nachtrust daar nog regelmatig verstoord door buren die hele nacht door naar buiten gingen om te roken, rochelen en spugen. Bovendien kon de verwarming niet gebruikt worden maar moest je de airco aanzetten om het warm te krijgen. Maarja, dat gaf weer heel veel lawaai en dus werd het toch nog een onrustig nachtje, De warmte van de airco was in ieder geval geen overbodige luxe want het had flink gevroren die nacht, en de rijp lag op de daken. Uiteindelijk vroeg vertrokken want ik wilde niet te laat weer in Laramie aankomen. Het eerste stuk van de dag, richting de autobaan, was zeer rustig en ging zo snel dat ik nog even de hoop had mijn college van die dag te halen. Bij hetkleine plaatsjeJulesburg ging het echter mis. Er liggen daar twee autobanen bij vlak bij elkaar, oost-west en noordoost-zuidwest. Moest west hebben maar pakte zuidwest. Ik leerde daar echter wel hoe de afslagnummering werkt. Ik had me eerder al verbaasd over de hoge nummers soms voor afslagen en dat er soms wel 8-10 nummer misten. De afslag wordt hier echter vernoemd naar de hoeveelheid mijl die de autobaan daar lang is, dus afslag 218 is gevestigd na 218 mijl op de interstate in die staat. Maar goed, teruggereden naar Julesburg, daar nog even verdwaald en uiteindelijk met veel vertraging op de I-80 naar Laramie beland. Dat was sowieso verder dan verwacht, bovendien begon het in Wyoming te sneeuwen. Doordat ik vergeten was te tanken moest ik vlak voor Laramie ook nog tanken bij een heel duur tankstation aan de autobaan. Best wel balen, maar dat werd goedgemaakt door een bord voor het tankstation. Het tankstation en het huis dat erbij staat vormen namelijk het dorp Buford, population: 1 (de eigenaar van het tankstation. Het waren er eerst twee maar de bevolking van het dorp werd gehalveerd toende zoon op zichzelf ging wonen). De enige verbinding met de buitenwereld was de snelweg en hij verdiende wat extra geld door merchandise van Buford te verkopen. Best grappig in ieder geval, en administratief is het volgens de Amerikaanse overheid ook echt een dorp.

Vrij snel daarna volgde Laramie en na de zoveelste theologische discussie op de radio verliet ik de interstate. De hele reis had ik geen brokken of botsingen gehad en dan ram je natuurlijk bij het parkerenvoor de studentenflat even flink tegen de stoeprand (geen schade gelukkig).

Na terugkomst vervolgens drie dagen bekaf, maar ben wel blij dat ik het gedaan heb. Het was fijn om even buiten Laramie te zien en wat meer te zien van het land. Bovendien ben ik veel aardige mensen tegen gekomen (ze zijn erg geïnteresseerd) en heb ik veel mooie plekken gezien. Thanksgiving heb ik vooral rustend doorgebracht maar hopelijk ben ik daarna weer helemaal klaar voor de grote studiefinale van mijn verblijf hier.

Tot de volgende keer.

Ohja, voor diegenen die mijn reis nog even willen herbeleven via google maps waren dit routes.

Dag 1: Vanuit Laramie op de Interstate 80 oostelijk naar Cheyenne, vanaf daar naar het zuiden over de Interstate 25 naar Walsenburg, Colorado.

Dag 2: Vanuit Walsenburg over de I-25 naar het zuiden naar Raton, New Mexico, vanaf daar Highway 64/87 richting Clayton (uitstapje naar Capulin Volcano), en dan de Highway 56/64/412 naar Boise City.

Dag 3: Eerst heel even naar Texas en toen over Highway 56 naar Elkhart, Kansas, vervolgens over Highway 27 naar Haigler, Nebraska, laatste stuk over Hw 34 naar Wray, Colorado.

Dag 4: Vanuit Wray Highway 385 naar Julesburg, Colorado, dan westwaarts op Interstate 80 naar Laramie, Wyoming.

Funk, football en voetbal

Ik had beloofd om wat over mijn studie en vakken te schrijven dit keer, maar ik wil het eerst nog even hebben over verschillende andere activiteiten hier in Laramie.

Hoewel Laramie een kleine en afgelegen plaats is, hebben enkele ambitieuze muziekfanaten enkele jaren geleden het Snowy Mountain Range Music Festival opgericht. Het is een jaarlijks driedaags festival met vooral plaatselijke, onbekende bands met elke dag een bekende headliner. De afgelopen jaren stonden onder andere Los Lobos en Mavis Staples op het podium, en dit jaar was het de beurt aan (onder andere) de funkband The Neville Brothers uit New Orleans. Ze speelden op vrijdag en aangezien tickets maar 20 dollar kosten leek dit me wel een geschikte dag om naar het festival te gaan. Ik had intussen (ook voor 20 dollar) een fiets gehuurd op de universiteit en aangezien het fijn nazomer weer was besloot ik me per rijwiel naar het festivalterrein te bewegen. Op google maps zag het er niet zo ver uit, maar de afstanden zijn hier blijkbaar toch wat groter. Ik moest iets ten zuiden van de stad zijn, maar waar precies kon ik me tijdens de rit helaas niet zo goed meer voor de geest halen. En zo leerde ik het industriegebied en de motel-omgeving van Laramie buitengewoon goed kennen alvorens ik me met m'n nieuwe fiets al spookrijdend in de berm van Highway 287 bevond. Ik wilde de moed al opgeven en naar huis gaan maar toen bleek het festivalterrein zich toevallig net aan de overkant van de highway te bevinden. Het festival werd gehouden in een rodeostation, dus Amerikaanser kan bijna niet. De sfeer aldaar was ontzettend relaxt, weinig controle, geen overspannen beveiligers en veel eet en drinkkraampjes. Het merendeel van de bezoekers was van de babyboom-generatie (meer specifiek de cowboy baby-boom) en dat was gezien de optredende bands ook geen verrassing. Het werd dan ook geen wilde boel. Integendeel, toeschouwers mochten hun eigen campingstoelen meenemen dus het hele veld stond vol met mensen die rustig zittend de concerten bekeken en bij het wisselen van de podia gewoon hun stoel 45 graden draaiden richting het andere podium voor de nieuwe band. Bij de Neville Brothers werd er echter genoeg gedanst en dat was niet meer dan terecht, want het is nog steeds een ontzettende strakke, funkende band ondanks de meer dan pensioengerechtigde leeftijd van sommige bandleden. Al met al een geslaagd avondje dus.

Waar je hier op de universiteit al vanaf het begin mee word doodgegooid is het football-team van de University of Wyoming. Voor diegenen die er niet zo bekend mee zijn: Amerikaanse universiteiten halen veel prestige uit de prestaties van hun sporters en hun teams. Deze sporters krijgen ook een opleiding maar besteden daarnaast veel tijd aan trainen. Het gaat er zeer professioneel aan toe, sporters kunnen via universiteitteams bijvoorbeeld contracten verdien in de NBA en de NFL, en de fanshops in de stad doen niet onder voor die van de meeste eredivisie-clubs in Nederland. Van de honkballers van UW heb ik nog niet veel meegekregen, een ijshockeyteam hebben ze geloof ik niet en de basketballers zijn wel aardig, maar het paradepaardje van de universiteit is het het football team: The Wyoming Cowboys. Vanuit het international office werden we dan ook flink aangemoedigd om naar de eerste wedstrijd van de Cowboys te gaan tegen de Weber State Wildcats. Studenten kunnen gratis naar de wedstrijden toe, maar voor de gewone supporter kost een kaartje tussen de 30 en 75 dollar. Maar daar krijg je dan wel veel spektakel voor terug. De hele wedstrijddag is het druk op de campus, iedereen loopt in geel-bruine kleren rond (de kleuren van de universiteit) en er zijn allerlei activiteiten rond het stadion (van een barbecues tot optredens). Het stadion zelf is trouwens ook geen tegenvaller. Ondanks dat er maar twee tribunes staan heeft het een capaciteit van 29.181, ongeveer net zoveel als de Grolsch Veste, en tijdens de wedstrijd zit het ook gewoon vol. Het is best bizar om te beseffen dat er zo'n enorm stadion staat voor een universiteitssportteam maar zo werkt het hier nu eenmaal. De wedstrijd zelf wordt voorafgegaan door allerlei parades van muziekbands, cheerleaders, mascottesen natuurlijk het Amerikaans volkslied. Kanonschoten volgen als de spelers het veld betreden en de pony mascotte rent langs alle tribunes om het publiek op te warmen (deze sloeg later nog op hol toen er werd gescoord maar kon gelukkig weer op tijd onder controle worden gebracht voor er schade ontstond). Ook tijdens de wedstrijd zijn de cheerleaders en de leden van de marching band druk bezig met dansen, gadgets uitdelen en muziek maken. Het blijkt dat elk populair nummer wel geschikt is voor een fanfare-uitvoering. Zowel Rihanna als ZZ Top kwamen voorbij, alsmede Ragtime Cowboy Joe, het lijflied van de universiteit dat wij als internationale studenten een week daarvoor nog hebben moeten leren.

Jammer alleen dat na al dit spektakel de sport zelf me nogal tegenviel. De wedstrijd begon om zes uur 's avonds en er was me verteld dat vier keer een kwartier gespeeld zou worden. Dat leek me nog wel te doen. Alleen was de wedstrijd uiteindelijk pas om half elf afgelopen. Het was toen al flink afgekoeld en de meeste onwetende internationale studenten stonden dan ook te bibberen op de tribune. Die vier keer vijftien minuten speeltijd lopen namelijk niet de hele tijd door zoals bij voetbal, maar wordt bij elke spelonderbreking stilgezet. En het spel wordt nogal eens onderbroken. Sterker nog, het leek vaker stil te liggen dan dat er gespeeld werd. Bovendien wordt er elke keer maar heel kort gespeeld, vaak bij lange na nog geen minuut. En dan is het op zich wel leuk dat die marching band elke keer weer gaat spelen bij een onderbreking, maar ik had het na enige tijd wel gezien.Op het laatstwerd het echter nog wel spannend (m'n Amerikaanse buurman kon het zelfs niet meer aan en liep weg) en UW won uiteindelijk in de laatste 30 seconden wat tot grote vreugde op de tribune leidde.

Een paar weken later kon ik mijn hart weer ophalen aan het 'Europese' voetbalspel, dat ze hier de naam soccer hebben gegeven. De Afrikaanse studentenvereniging organiseert jaarlijks het International Soccer Tournament, en dat is een prestigieus toernooi onder (vooral) de internationale studenten. Aangezien ik vooraf nog geen team had was ik een zogenaamde free transfer en werd ik uiteindelijk bij een groep Amerikaanse juniors (derdejaars) geplaatst die al langer een voetbalteam vormden onder de veelbelovende naam Laramie F.C. Het waren erg aardige jongens en ze wilden erg graag praten over voetbal (het Nederlands elftal heeft ook in Wyoming veel indruk gemaakt vorig jaar) maar ook over hoe er in Europa naar Amerika en de Amerikaanse politiek wordt gekeken. De meeste mensen die ik hier spreek zijn toch de internationale studenten, dus dan is het wel leuk om ook even met ‘echte' Amerikanen gepraat te hebben. Voetbaltechnisch en tactisch waren ze ook wel redelijk fanatiek en het was best zwaar om in hun team mee te komen. We speelden eerst twee poulewedstrijden waarbij een zege genoeg was voor een plek in de kwartfinale. De eerste wedstrijd, tegen een Afrikaans-Aziatische combinatie, kwamen we tekort maar de tweede wedstrijd wonnen we krap met 1-0. Door de hitte en de hoogte was het echter erg vermoeiend en je moest constant blijven drinken om het vol te houden. Het behalen van de kwartfinale werd gevierd met pizza en cola maar die wedstrijd bleek ook direct het eindstation. Tegen een Amerikaanse ploeg, een van de favorieten, kwamen we er totaal niet aan de pas, en Laramie FC ging met 6-0 de boot in. Niet echt een feest als verdediger maar de kwartfinale behalen was op zich al knap. Daarna wel een week spierpijn gehad.

Volgende keer dan maarwat meer over de universiteit en mijn vakken hier. Tot snel en veel plezier met de foto's.

Why Wyoming?

Dat is een vraag die me hier vaak gesteld wordt. De mensen zelf vinden het interessant dat iemand uit de hele Verenigde Staten uitgerekend Wyoming kiest om te verblijven. Voor ik antwoord geef op die vraag zal ik eerst eens wat over de staat en Laramie vertellen. Wyoming ligt links van het midden binnen de Verenigde Staten en wordt gerekend tot de Mountain-states, omdat de Rocky Mountains en de uitlopers daarvan door Wyoming lopen. Het is qua grootte de negende staat van de Verenigde Staten (253.554 km²,de oppervlakte van Nederland is 41.526 km²), maar heeft minder inwoners dan de provincie Groningen (509.000 in Wyoming, 574.042 in Groningen). Geen enkele staat in de Verenigde Staten heeft minder inwoners en alleen Alaska is dunner bevolkt. De meeste mensen werken hier van oudsher in de olie en landbouw, en door al die ruimte zijn er veel grote ranches. Verder is de staat zwaar Republikeins bij verkiezingen, zijn de belastingen extreem laag en komt misdaad er naar verhouding weinig voor. Daartegenover staat dat het wapenbezit van alle staten in de VS hier relatief het hoogst is. Volgens de website 24/7 Wall Street is Wyoming in ieder geval de 'best run state' van de Verenigde Staten.

Laramie ligt in het zuidoosten van de staat, niet ver van de grens met Colorado, en is de enige universiteitsstad in Wyoming. Laramie is behoorlijk klein met 30.000 inwoners (waarvan rond de 13.000 studenten) en is daarmee slechts iets groter dan Haaksbergen. De stad werd gesticht in de 19e eeuw toen de spoorlijnen werden aangelegd en was toen een typisch wild west stadje. De eerste burgemeester vertrok ooit omdat Laramie volgens hemniet te besturen vielvanwege alle outlaws die er rondliepen en de gunfights die er plaats vonden. Later werd het echter beter en Laramie is zelfs de eerste plaats in de Verenigde Staten waar ooit een vrouw gestemd heeft. Het andere grote nieuwsfeit waar Laramie tegenwoordig helaas om bekend staat isde moord opstudent Matthew Shepard in 1998 als gevolg van een hate-crime.

Laramie wordt omringd door natuurgebieden en prairiegraslanden, is gelegen op 2000 meter hoogte en heeft 300 dagen zon per jaar. Op religieus gebied valt er genoeg te beleven met 32 kerken, de meeste van Protestantse stromingen, en de stad heeft een pittoresk downtown-gebied met allerlei oude winkeltjes. De winters zijn helaas bar koud en het kan sneeuwen van september tot mei (delaagste temperatuur ooit gemeten in Wyoming is -54 graden celcius in Riverside. Dat is gelukkig niet erg in de buurt). Desondanks vond ik juist de natuur en het klimaat belangrijke redenen om hier te gaan studeren. Het is zo anders dan in Nederland en de kans om vier maanden in een streek als deze te verblijven krijg ik waarschijnlijk nooit meer.

Goed, tot zover wat algemene informatie over waar ik precies zit in de Verenigde Staten. Ik zou nog wat vertellen over de introductie en de eerste weken. Erg veel tijd om bij te komen van de reis was er niet. De volgende ochtend stonden er al wat administratieve regeldingen op het programma waarna de dag erna de introductie voor internationale studenten begon. Er zijn in totaal rond de 700 buitenlanders op de universiteit, en de meerderheid daarvan komt uit Azië en het Midden-Oosten. Europeanen vormen maar een hele kleine groep, bij elkaar een stuk of dertig.Bij de eerste introductiedag zat ook het ontbijt inbegrepen en dat betekende een kopje thee met dikke donuts. Heerlijk op de nuchtere maag. De introductie stelde verder niet zoveel voor. Twee dagen langmoestenwe zitten en luisteren naartoespraken over de meest uiteenlopende onderwerpen: van belastingzaken en visuminformatie tot straattaal en omgangsvormen. Het liep zo door van 10 tot 5, en op de tweede dag waren er dan ook al de nodige afhakers.

Verder had de International Student Association nog wat leuke activiteiten gepland. Na de tweede intro-dag was er een barbecue georganiseerd waarbij ons, onder het genot van grote stukken kip en frisdrank, horror-verhalen werden verteld over de vreselijk koude winters hier. Een paar dagen later gingen we met de hele groep iets echts Amerikaans ondernemen: square dancing. Tja, als je toch midden in de VS zit ontkom je daar niet aan. Het is verder niet al te ingewikkeld en in het geval je toch de regie kwijtraakt is er een soort presentator (met cowboyhoed uiteraard) die continu zegt welke passen je moet uitvoeren.

Een week na de introductie had de ISA een hike (bergwandeling) georganiseerd in de Snowy Mountain Range. Bijna iedereen ging mee dus dat was erg gezellig en omdat we een eind moesten rijden konden we ook voor het eerst het landschap in de omgeving eens nader bekijken. Voor we Laramie verlieten stopten we nog even bij een kleine supermarkt om wat eten en drinken in te slaan. Het was wel even wennen dat ze daar naast snoep en sandwiches ook een grote afdeling metgeweren hadden. De hike zelf was best inspannend omdat we te ver door waren gelopen. We waren vlakbij de Medicine Bow Peak (3600 m), maar moesten helaas vanwege tijdgebrek terug. Het uitzicht was echter fantastisch en omdat het hier zo leeg is zag je in de verre omtrek ook alleen maar natuur: dennenbossen, prairiegrond, rotsen, en verder alleen de autoweg waarop we gekomen waren. Na deze ervaring heb ik medirect ookmaar ingeschreven voor andere hikes.

De colleges waren die week ook al begonnen en hoewel dit niet het meest spannende onderdeel van mijn verblijf is, zal ik daar de volgende keer ook wat over vertellen.

Groetjes

De grote reis...

Nu ik hier een maand zit is het misschien wel eens tijd om te vertellen hoe het in Amerika met megaat. Momenteel zitten we hier al in de vijfde collegeweek, dus ik heb al het nodige moeten lezen en doen. Ook zijn de eerste quizzes (een soort korte schriftelijke overhoringen) en essays al achter de rug. Het weer is nog altijd aangenaam, meestal tussen de 15 en 25 graden met veel zon. Maar er is me verteld dat de eerste sneeuw soms al in september komt dus misschien slaat het binnenkort wel in een keer om.

Omdat ik niet iedereen gesproken sinds ik hier ben zal ik in dit bericht vertellen hoe de reis en de eerste dagen zijn verlopen. De laatste weken in Nederland waren behoorlijk hectisch. Het blijkt dat je toch altijd meer moet regelen dan je denkt. Visa-aanvraag, bankbewijzen, vliegtickets, verzekeringspapieren, een overdosis aan formulieren die allemaal precies ingevuld moeten worden, en dan ook nog de koffer inpakken binnen het toegestane gewicht (misschien wel de grootste uitdaging van allemaal). Zondagnacht 14 augustus om half twee was alles dan eindelijk ingepakt en kon ik naar bed, om de volgende dag alweer om half 6 met Lucy en mijn ouders in de auto te zitten naar Schiphol. Nou moet ik toegeven dat ik nog maar een keer eerder had gevlogen, een studiereis naar Dublin vanaf vliegveld Weeze, dus het was wel spannend hoe alles zou gaan. Inchecken, gates, overstaptijd, allemaal nieuwe begrippen. Gelukkig ging bagage inchecken erg soepel waardoor we nog even een korte wandeling naar het uitzichtterras konden maken. Daarna was het helaas echter tijd voor afscheid nemen en moest ik naar mijn gate. Daar volgden voor de eerste keer een ondervraging en een bagagecontrole, en een korte tijd later was het dan zover: ik kon het vliegtuig in.

De vlucht naar Chicago zou ik nou niet willen omschrijven als een hoogtepunt van de trip. Negen uur in een stoel zitten in het midden van een rij vond ik niet erg comfortabel. Je kunt eigenlijk niets doen en dan kan het best lang duren. Maar er zat wel een leuke optie op het schermpje in de stoel waarbij je kon volgen waar het vliegtuig precies vloog (Noordzee - Faroer - IJsland - Groenland - Canada - VS), hoeveel kilometers er nog te gaan waren en of er veel tegenwind was (altijd vervelend). Het eerste dat ik uiteindelijk zag van mijn land van bestemming was het grote meer bij Chicago. Wel vreemd om Amerika dan eindelijk te zien na het jaren bestudeerd te hebben op de universiteit. In Chicago was het wel een drukke boel en ik had geen idee hoe alles werkte, maar een vriendelijke mevrouw van United Airlines wees me de weg naar de juiste instanties. Het bleek dat ik mijn immigratieformulier niet volledig ingevuld had in het vliegtuig, dat vond de officier van dienst niet een goed voorteken voor een universiteitsstudent, maar ik mocht het land gelukkig wel in. Daarna rustig aan gedaan, opnieuw een bagagecontrole, en toen wachten op de vlucht naar Denver.

Tijdens de vlucht naar Denver zat ik naast een oudere vrouw, die haar hele leven in New York had gewoond maar nu vanwege de gezondheid van haar man naar Denver was vertrokken. Ze vertelde van alles, dat ze een echte New Yorkse was, dat haar kinderen verspreid over de Verenigde Staten woonden, dat er in Denver zo weinig te doen was (tja, vergeleken met New York...), dat ze nog steeds avondcursussen volgde om te blijven studeren (ze begon na de zomer aan Italiaans voor beginners), en ze vroeg mij ook van alles, waaronder over de politiek in Nederland. Zo kon het gebeuren dat ik in een vliegtuig van Chicago naar Denver een gesprek had over Geert Wilders en Ayaan Hirsi Ali (waar ze een groot fan van was). Dat verwacht je niet. Ze wenste me veel succes in Laramie, waarschuwde me voor de ijle lucht daar en gaf me een New York Times en twee stukjes kaas.

Het vliegveld in Denver is echt geweldig en een stuk rustiger dan in Chicago. Om van de ene naar de andere gate te komen hebben ze een erg grappige metro, en je hebt een prachtig uitzicht over de plains. In Denver heb ik ook m'n eerste dollars uitgegeven (aan een maaltijd bij de Burger King, met honger wordt je wat minder kieskeurig). Ook zag ik de eerste cowboyhoed en iemand met een shirt van Smith & Wesson, welkom in het Wilde Westen! Verder had ik er helaas niet zo heel veel tijd, dus maar weer snel door een nieuwe bagagecontrole en op naar de gate van Great Lake Airlines voor het laatste deel van de reis naar Laramie. Het contrast tussen Great Lake Airlines en de eerdere vluchten was erg grappig. In plaats van een mooi ticket kreeg ik een bonnetje dat aan een foldertje van de maatschappij was vastgeniet en hun vertrekbalie bevind zich helemaal achter op het vliegveld. Je moet een soort keldergang in, weg van de grote hallen, waarna helemaal achter in de gang een soort wachtkamer is van de kleine maatschappijen. Inchecken betekent op een rijtje staan naast een deur waarna iemand even naar je bonnetje kijkt, en als dan alles goed is gaat de deur open en loop je naar het vliegtuigje. Wel relaxt na al dat serieuze gedoe bij de andere vluchten.

Deze laatste vlucht was sowieso met afstand de leukste van de reis. We gingen met een heel klein vliegtuig (een Beechcraft 1900) waar 16 man in konden, en de piloot en co-piloot zaten gewoon direct voor ons. Alsof je in een Connexion-bus zit. We vlogen ook niet zo hoog en af en toe was er wat turbulentie, maar het was fantastisch om het landschap te zien. Het hele gebied daar is leeg op wat ranches na. In de avondzon zagen de plains en en de rotsen ergeweldig uit. Ik kreeg een beetje een Flying Doctors-gevoel van deze vlucht (http://www.youtube.com/watch?v=PfyxThcqF3I). Helaas was de pret al wel weer na 45 minuten voorbij en kwamen we aan op Laramie Airport. Vijf deels vervallen gebouwtjes, een start en landingsbaan en wat machines, en dat was het wel. De aankomst en vertrekhal had wat meer weg van een jaren tachtig voetbalkantine, en de veiligheidscontrole apparatuur zag eruit alsof deze al enige tijd niet meer gebruikt werd. Ik vond het wel mooi allemaal. Er waren ook nog een paar ranchers die in Laramie in het vliegtuig stapten op weg naar het volgende plaatsje, volgens mij moet je de vluchten hier inderdaad meer zien als een vervanging van een buslijn.

Ik werd samen met een Duits meisje (uit de buurt van Gronau nota bene, en dan kom je elkaar op Laramie Airport tegen) opgehaald door Ruth, de begeleidster van de Universiteit. Zij zou ons naar onze kamers brengen op de campus met een auto. En wat stond er dus te wachten op het stoffige weggetje naast het vliegveld? Een University of Wyoming pickup truck. Dat was wel cool. Met de koffers in de laadbak reden we toen naar het stadje. Ze liet ons nog even wat straten en gebouwen zien, maar het was al erg laat en ik was toen al een uur of 22 onderweg. Mijn kamer bleek wel prima te zijn, en na een snel broodje van de Subway en wat mailtjes naar Nederland besloot ik maar te gaan slapen. De volgende dag om 10 uur begonnen de eerste plichtplegingen al...

Dat was het verslag van mijn reis, ik zal de komende tijd nog meer dingen vertellen over Laramie, de universiteit en de omgeving hier.

Ohja, voor de geinteresseerden, mijn adres is: 103b Hill Hall, Laramie WY 82070 3421, Verenigde Staten